Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Verzoeken en antwoorden

Onderdeel van Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Venezuela· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 1998

1. De verzoeken tot overbrenging en de antwoorden daarop geschieden schriftelijk. 2. De verzoeken worden door de Minister van Justitie van de verzoekende Staat aan de Minister van Justitie van de aangezochte Staat gericht. De beantwoording van de verzoeken, alsmede alle met de verzoeken verband houdende verstrekking van stukken door beide Staten aan elkaar, vindt ook plaats door de Ministers van Justitie.

Rechtspraak bij dit artikel