Naar hoofdinhoud
De Verdragsluitende Partijen stellen Voorschriften vast voor periodieke technische keuringen van motorvoertuigen die op hun grondgebied zijn geregistreerd of in gebruik worden genomen en erkennen de overeenkomstig deze Voorschriften uitgevoerde keuringen wederzijds. De Voorschriften worden vastgesteld door tussenkomst van een Commissie van beheer bestaande uit alle Verdragsluitende Partijen in overeenstemming met het in Aanhangsel 1 opgenomen Voorschrift van orde en ingevolge de hiernavolgende leden en artikelen. Voor de toepassing van dit Verdrag: wordt onder de term „motorvoertuigen" verstaan ieder motorvoertuig en de daarbij behorende aanhangwagen; wordt onder de term „technische keuring" verstaan de keuring van alle uitrustingsstukken en onderdelen die worden gebruikt op motorvoertuigen en waarvan de eigenschappen verband houden met verkeersveiligheid, milieubescherming en energiebesparing; onder de term „Voorschriften voor periodieke technische keuringen van motorvoertuigen" wordt verstaan bepalingen inzake het bewijs van de eenvormige periodieke administratieve procedure door middel waarvan de bevoegde autoriteiten van een Verdragsluitende Partij verklaren, nadat de vereiste toetsingen hebben plaatsgevonden, dat het motorvoertuig voldoet aan de eisen van de desbetreffende Voorschriften. Als bewijs kan dienen een technisch keuringsbewijs, waarvan het model is opgenomen in Aanhangsel 2 bij dit Verdrag.

Rechtspraak bij dit artikel