Naar hoofdinhoud
De procedure van wijziging van de tekst van dit Verdrag en van de daaraan gehechte Aanhangsels wordt geregeld door de volgende bepalingen: 1. Elke Verdragsluitende Partij kan een of meer wijzigingen van dit Verdrag of van de daaraan gehechte Aanhangsels voorstellen. De tekst van elke voorgestelde wijziging van dit Verdrag en van de daaraan gehechte Aanhangsels wordt toegezonden aan de Secretaris-Generaal, die deze tekst mededeelt aan alle Verdragsluitende Partijen en ter kennis brengt van de andere in het eerste lid van artikel 4 bedoelde Staten. 2. Elke voorgestelde wijziging welke is toegezonden overeenkomstig het eerste lid van dit artikel wordt geacht te zijn aanvaard, indien geen der Verdragsluitende Partijen binnen zes maanden na de datum waarop de Secretaris-Generaal de voorgestelde wijziging heeft toegezonden bezwaar heeft gemaakt. 3. De Secretaris-Generaal richt zo spoedig mogelijk een kennisgeving tot alle Verdragsluitende Partijen om hun te doen weten of een bezwaar is gemaakt tegen de voorgestelde wijziging. Indien een bezwaar is gemaakt tegen de voorgestelde wijziging, wordt de wijziging geacht niet te zijn aanvaard en heeft deze geen enkel rechtsgevolg. Indien geen bezwaar is gemaakt, treedt de wijziging voor alle Verdragsluitende Partijen in werking drie maanden na het verstrijken van de termijn van zes maanden bedoeld in het tweede lid van dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel