Naar hoofdinhoud
1. De partijen zijn het erover eens dat het beginsel van vrije doorvoer een essentiële voorwaarde is voor het bereiken van de doelstellingen van deze Overeenkomst. Met het oog hierop waarborgt elke partij de vrije doorgang over zijn grondgebied van goederen die afkomstig zijn uit of bestemd zijn voor het douanegebied van de andere partij. 2. De in artikel V, leden 2, 3, 4 en 5, van de GATT 1994 vastgestelde regels zijn tussen de partijen van toepassing. 3. De bepalingen van dit artikel doen geen afbreuk aan de tussen de partijen overeengekomen bijzondere regelingen voor specifieke sectoren, zoals vervoer, of producten.

Rechtspraak bij dit artikel