Naar hoofdinhoud

TITEL I › Hoofdstuk 6 › Paragraaf 2

Artikel 19

Artikel 19

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake de overbrenging van gevonniste personen· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 1 mei 2001

1. Behoudens uitzonderingsgevallen, worden de verzoeken door het Ministerie van Justitie van de verzoekende Staat aan het Ministerie van Justitie van de aangezochte Staat gericht. De antwoorden worden zo snel mogelijk langs hetzelfde kanaal gegeven. 2. De aangezochte Staat stelt de verzoekende Staat onverwijld in kennis van de beslissing tot instemming met of de weigering van de verzochte overbrenging. 3. Elke weigering dient met redenen te zijn omkleed.

Rechtspraak bij dit artikel