Elke Verdragsluitende Partij neemt passende maatregelen om zeker te stellen dat na de sluiting van een eindbergingsfaciliteit:
de door het regulerend lichaam vereiste dossiers over de locatie, het ontwerp en de inventaris van die faciliteit worden bewaard;
actieve of passieve institutionele controle, zoals toezicht of beperking van de toegang, wordt verricht, indien noodzakelijk, en
indien gedurende een periode van actieve institutionele controle, niet-geplande emissie van radioactieve stoffen in het milieu wordt ontdekt, interventiemaatregelen worden genomen, indien noodzakelijk.
HOOFDSTUK 3
Artikel 17
Institutionele maatregelen na de sluiting
Onderdeel van Gezamenlijk Verdrag inzake de veiligheid van het beheer van bestraalde splijtstof en inzake de veiligheid van het beheer van radioactief afval· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 18 juni 2001