**1.** Dit Verdrag treedt in werking op 1 januari van het jaar dat volgt op het jaar waarin de Verdragsluitende Partijen elkaar hebben medegedeeld dat aan de nationale vereisten voor inwerkingtreding is voldaan. Doorslaggevend voor de berekening van de termijn van de datum van inwerkingtreding is de dag van ontvangst van de laatste notificatie.
**2.** Dit Verdrag geldt voor de duur van het Noord-Atlantisch Verdrag, indien niet door beide Regeringen een andere geldigheidsduur wordt overeengekomen.
**3.** Elk der Verdragsluitende Partijen is gerechtigd voorstellen tot wijziging van dit Verdrag voor te leggen. Wijzigingen worden van kracht, zodra beide Verdragsluitende Partijen schriftelijk hebben medegedeeld dat zij daarmee instemmen.
**4.** Dit Verdrag kan door elke Verdragsluitende Partij langs diplomatieke weg schriftelijk worden opgezegd. De opzegtermijn bedraagt ten minste 12 maanden, te beginnen op 1 januari van het jaar volgend op het jaar van opzegging.
**5.** De notawisseling van 17 mei 1963 bij de Overeenkomst tussen de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland en de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden nopens de stationering van militaire eenheden van de Bondsrepubliek Duitsland in Nederland van 17 januari 1963 houdt op van kracht te zijn op de dag waarop dit Verdrag in werking treedt.
**6.** Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, geldt dit Verdrag uitsluitend voor het in Europa gelegen deel van het Koninkrijk.
Artikel 10
Slotbepalingen
Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland inzake het ter beschikking stellen van onroerend goed en het medegebruiken van oefenvoorzieningen· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2001