Naar hoofdinhoud
1. De Administratie stelt de partij die vaarbevoegdheidsbewijzen afgeeft in kennis van de datum van de kennisgeving van dit Verdrag aan de Europese Commissie in overeenstemming met Richtlijn 98/35 van de Europese Raad. 2. De Administratie stelt de partij die vaarbevoegdheidsbewijzen afgeeft in kennis van de ontvangst van eventuele bezwaren tegen het Verdrag in overeenstemming met Richtlijn 98/35 van de Europese Raad die zijn ontvangen door de Administratie. 3. De Administratie stelt de partij die vaarbevoegdheidsbewijzen afgeeft in kennis van de datum waarop de procedure van artikel 9, tweede lid, is afgerond mits bij afronding geen bezwaren zijn gerezen tegen de inwerkingtreding van dit Verdrag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel