118 1. 1) De taak van de Telecommunicatie-ontwikkelingssector is het verwezenlijken van het doel van de Unie zoals genoemd in artikel 1 van dit Statuut en zich, binnen zijn specifieke bevoegdheid, te kwijten van de dubbele verantwoordelijkheid van de Unie als een gespecialiseerde organisatie van de Verenigde Naties en als uitvoerend agentschap voor de uitvoering van projecten in het kader van het ontwikkelingsstelsel van de Verenigde Naties of andere financieringsregelingen, teneinde de ontwikkeling van telecommunicatie te vergemakkelijken en uit te breiden door het aanbieden, organiseren en coördineren van activiteiten op het gebied van technische samenwerking en bijstand.
119 2) De activiteiten van de Radiocommunicatiesector, de Telecommunicatiestandaardisatiesector en de Telecommunicatie-ontwikkelingssector vinden plaats op basis van nauwe samenwerking op het gebied van ontwikkelingsvraagstukken, in overeenstemming met de relevante bepalingen van dit Statuut.
120 2. In het bovengenoemde kader zijn de specifieke taken van de Telecommunicatie-ontwikkelingssector:
121 a. het vergroten van het bewustzijn bij beleidsmakers van de belangrijke rol van telecommunicatie bij de nationale programma's voor economische en sociale ontwikkeling en het verstrekken van informatie en adviezen inzake beleid en structuur;
122 PP-98 b. het bevorderen, in het bijzonder door middel van partnerschappen, van de ontwikkeling, uitbreiding en exploitatie van telecommunicatienetwerken en -diensten, in het bijzonder in ontwikkelingslanden, met inachtneming van de activiteiten van andere betrokken organen, door het uitbreiden van de capaciteiten voor de ontwikkeling van menselijk potentieel, voor planning, management, het mobiliseren van middelen, en onderzoek en ontwikkeling;
123 c. het stimuleren van de groei van telecommunicatie door middel van samenwerking met regionale telecommunicatie-organisaties en met mondiale en regionale instellingen voor ontwikkelingsfinanciering, door het monitoren van de status van projecten in zijn ontwikkelingsprogramma teneinde erop toe te zien dat deze naar behoren worden uitgevoerd;
124 d. het bevorderen van de mobilisatie van middelen voor het verlenen van bijstand op het gebied van telecommunicatie aan ontwikkelingslanden door het bevorderen van de instelling van preferente en gunstige kredietfaciliteiten, en samenwerking met internationale en regionale financiële instanties en ontwikkelingsorganisaties;
125 e. het bevorderen en coördineren van programma's ter versnelling van de overdracht van geschikte technologie aan ontwikkelingslanden in het licht van de veranderingen en ontwikkelingen in de netwerken van de ontwikkelde landen;
126 f. het aanmoedigen van de participatie door de industrie in de ontwikkeling van telecommunicatie in ontwikkelingslanden en het verstrekken van adviezen met betrekking tot de keuze en overdracht van geschikte technologie;
127 g. het verstrekken van adviezen, het uitvoeren of sponsoren van studies, in voorkomend geval, op technisch, economisch, financieel, management-, regelgevings- en beleidsgebied, inclusief studies met betrekking tot specifieke projecten op het gebied van telecommunicatie;
128 h. het samenwerken met de overige Sectoren, met het Algemeen Secretariaat en andere betrokken organen bij de ontwikkeling van een algemeen plan voor internationale en regionale telecommunicatienetwerken teneinde de coördinatie van de ontwikkeling hiervan te vergemakkelijken met het oog op de verlening van telecommunicatiediensten;
129. i. het, bij de uitvoering van bovengenoemde taken, besteden van bijzondere aandacht aan de behoeften van de minstontwikkelde landen.
130. 3. De werkzaamheden van de Telecommunicatie-ontwikkelingssector vinden plaats in de vorm van:
131 a. mondiale en regionale telecommunicatie-ontwikkelingsconferenties;
132 b. telecommunicatie-ontwikkelingsstudiegroepen;
132A PP-98 bbis de telecommunicatie-ontwikkelingsadviesgroep;
133 c. het Telecommunicatie-ontwikkelingsbureau, met aan het hoofd de gekozen directeur.
134 4. De Telecommunicatie-ontwikkelingssector heeft als leden:
135 PP-98 a. van rechtswege, de administraties van alle Lidstaten;
136 PP-98 b. elke entiteit of organisatie die in overeenstemming met de desbetreffende bepalingen van het Verdrag Sectorlid wordt.
Betreft de Nederlandse tekst van het Statuut en het Verdrag van de Internationale Unie voor Telecommunicatie van 1992, zoals gewijzigd bij de Akten van Kyoto (1994) en Minneapolis (1998), Trb. 2001,90.
HOOFDSTUK IV
Artikel 21
Taken en structuur
Onderdeel van Statuut en het Verdrag van de Internationale Unie voor Telecommunicatie· Informatierecht
Deze tekst geldt sinds 7 december 2001