Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK I

Artikel 9

Beginselen inzake verkiezingen en aanverwante aangelegenheden

Onderdeel van Statuut en het Verdrag van de Internationale Unie voor Telecommunicatie· Informatierecht

Deze tekst geldt sinds 21 november 2008

60 1. De Plenipotentiaire Conferentie ziet er bij de in de nummers 54 tot en met 56 genoemde verkiezingen op toe dat: 61a. de Lidstaten van de Raad worden verkozen met inachtneming van de behoefte aan een billijke verdeling van de zetels van de Raad over alle regio’s van de wereld; 62 PP-94 PP-98b. de Secretaris-Generaal, de plaatsvervangend Secretaris-Generaal en de directeuren van de Bureaus worden gekozen uit de door de Lidstaten voorgedragen kandidaten als zijnde hun ingezetenen, dat deze allen ingezetenen zijn van verschillende Lidstaten, en dat bij hun verkiezing naar behoren rekening wordt gehouden met een billijke geografische verdeling over de regio’s van de wereld; eveneens moet naar behoren rekening worden gehouden met de in nummer 154 van dit Statuut vervatte beginselen; 63 PP-94 PP-98c. de leden van de Radioreguleringsraad worden gekozen in hun individuele hoedanigheid uit de door de Lidstaten als zijnde hun ingezetenen voorgedragen kandidaten. Elke Lidstaat kan slechts één kandidaat voordragen. De leden van de Radioreguleringsraad mogen geen ingezetenen zijn van dezelfde Lidstaat als de directeur van het Radiocommunicatiebureau; bij hun verkiezing moet naar behoren rekening worden gehouden met een billijke geografische verdeling over de regio’s van de wereld en met de in nummer 93 van dit Statuut vervatte beginselen. 64 2. Bepalingen inzake functieaanvaarding, vacatures en herverkiesbaarheid zijn vervat in het Verdrag.

Rechtspraak bij dit artikel