Naar hoofdinhoud

Artikel 21

Opzegging

Onderdeel van Statuut betreffende de Groep van Staten tegen Corruptie (GRECO)· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 18 december 2001

1. Behoudens de toepasselijke bepalingen van de internationale juridische instrumenten bedoeld in artikel 2, tweede lid, kan elk lid zijn lidmaatschap van de GRECO opzeggen door middel van een verklaring van de minister van Buitenlandse Zaken of een diplomatiek vertegenwoordiger die daarvoor specifieke bevoegdheden worden verleend, gericht aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa. 2. De Secretaris-Generaal bevestigt de ontvangst van de verklaring en deelt het betrokken lid mee dat deze wordt ingediend bij het Statutair Comité. 3. Naar analogie van artikel 7 van het Statuut van de Raad van Europa, wordt de opzegging van kracht: aan het eind van het begrotingsjaar waarin deze heeft plaats gehad, indien de kennisgeving is geschied gedurende de eerste negen maanden van dat jaar; aan het eind van het volgende begrotingsjaar, indien de kennisgeving is geschied gedurende de laatste drie maanden van het begrotingsjaar. 4. Overeenkomstig artikel 18 van het Financieel Reglement van de Raad van Europa onderzoekt het Statutair Comité de financiële gevolgen van de opzegging en treft het gepaste maatregelen. 5. De Secretaris-Generaal stelt het betrokken lid onverwijld in kennis van de gevolgen van zijn opzegging en houdt het Statutair Comité op de hoogte van de uitkomst.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel