Naar hoofdinhoud

DEEL ZESDE › TITEL I › HOOFDSTUK 1 › AFDELING TWEEDE

Artikel 235

Artikel 235

Onderdeel van Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 december 2009

1. Ieder lid van de Europese Raad kan slechts door één ander lid worden gemachtigd om namens hem te stemmen. Artikel 16, lid 4, van het Verdrag betreffende de Europese Unie en artikel 238, lid 2, van dit Verdrag zijn van toepassing op de Europese Raad wanneer deze met gekwalificeerde meerderheid van stemmen besluit. Wanneer de Europese Raad zich in een stemming uitspreekt, nemen de voorzitter van de Europese Raad en die van de Commissie niet aan de stemming deel. Onthouding van stemming door aanwezige of vertegenwoordigde leden vormt geen beletsel voor het vaststellen van beslissingen van de Europese Raad waarvoor eenparigheid van stemmen is vereist. 2. De voorzitter van het Europees Parlement kan worden uitgenodigd om door de Europese Raad te worden gehoord. 3. De Europese Raad besluit met gewone meerderheid van stemmen over procedurekwesties en over de vaststelling van zijn reglement van orde. 4. De Europese Raad wordt bijgestaan door het secretariaat-generaal van de Raad. Betreft de Nederlandse tekst van het Verdrag, zoals laatstelijk gewijzigd door het Verdrag van Lissabon tot wijziging van het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap; Lissabon, 13 december 2007.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel