Naar hoofdinhoud
1. De Regering staat de verbindingsofficier toe om vrijelijk en zonder het vereiste van bijzondere toestemming te communiceren voor alle officiële doeleinden, en beschermt dit recht van de verbindingsofficier. De verbindingsofficier is gerechtigd codes te gebruiken en zijn officiële correspondentie en andere officiële berichten te verzenden of te ontvangen per koerier of in verzegelde tassen, waarvoor dezelfde voorrechten en immuniteiten gelden als voor diplomatieke koeriers en tassen. 2. Voor zover dit verenigbaar is met het Internationaal Verdrag betreffende de Telecommunicatie van 6 november 1982, geniet de verbindingsofficier voor zijn officiële berichtenverkeer een behandeling die niet minder gunstig is dan die welke door het Koninkrijk der Nederlanden aan een internationale organisatie of regering wordt toegekend, inzake prioriteiten voor poststukken, kabeltelegrammen, telegrammen, telexberichten, radiotelegrammen, televisie-, telefoon-, fax-, satelliet- of andere verbindingen.

Rechtspraak bij dit artikel