Naar hoofdinhoud
Elke lidstaat treft de nodige maatregelen opdat ondernemingshoofden of personen die beslissings- of controlebevoegdheid binnen een onderneming hebben, overeenkomstig de beginselen van zijn nationaal recht, strafrechtelijk aansprakelijk kunnen worden gesteld in geval van corruptie als bedoeld in artikel 3 die voor rekening van de onderneming door een aan hen ondergeschikte persoon zijn begaan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel