**1.** De Partijen werken, overeenkomstig de bepalingen van de toepasselijke internationale instrumenten inzake de internationale strafrechtelijke samenwerking of de afspraken die zijn overeengekomen op basis van uniforme of wederkerige wetgeving, en overeenkomstig hun nationaal recht, in zo ruim mogelijke mate met elkaar samen ten behoeve van onderzoeken en procedures met betrekking tot de strafbare feiten die vallen binnen de werkingssfeer van dit Verdrag.
**2.** Wanneer tussen Partijen geen internationaal instrument of onderlinge afspraak als bedoeld in het eerste lid van kracht is, zijn de artikelen 26 tot en met 31 van dit hoofdstuk van toepassing.
**3.** De artikelen 26 tot en met 31 van dit hoofdstuk zijn ook van toepassing wanneer zij gunstiger zijn dan de bepalingen die zijn opgenomen in de internationale instrumenten of in de afspraken als bedoeld in het eerste lid.
HOOFDSTUK IV
Artikel 25
Algemene beginselen en maatregelen die van toepassing zijn op de internationale samenwerking
Onderdeel van Verdrag inzake de strafrechtelijke bestrijding van corruptie· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2002