Beide partijen komen overeen samen te werken om het risico van fraude bij de toepassing van de handelsbepalingen van deze overeenkomst te verkleinen.
In afwijking van andere bepalingen van deze overeenkomst, met name de artikelen 30, 37 en 88 en Protocol 4, geldt dat, indien een van de partijen oordeelt dat er voldoende bewijs is van fraude, zoals een significante toename van de handel in producten van de ene naar de andere partij boven het niveau dat de economische omstandigheden zoals de normale productie en exportcapaciteit weerspiegelt, of het niet verlenen van de vereiste administratieve medewerking voor de verificatie van het bewijs van oorsprong door de andere partij, de partijen onverwijld overleg voeren om een passende oplossing te vinden. In afwachting van deze oplossing kan de betrokken partij de passende maatregelen nemen die zij noodzakelijk acht. Bij de keuze van deze maatregelen wordt prioriteit gegeven aan die welke de werking van de bij deze overeenkomst vastgestelde regelingen het minst verstoren.
TITEL IV › HOOFDSTUK III
Artikel 42
Artikel 42
Onderdeel van Stabilisatie- en Associatie-Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, anderzijds· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 april 2004