Hoofdstuk V
Artikel 30
Taken van het Comité van de Investeringsfaciliteit, de Bank en de Commissie
Deze tekst geldt sinds 1 april 2003
**1.** Het IF-comité hecht zijn goedkeuring aan:
1. de operationele richtsnoeren voor de faciliteit en voorstellen voor de herzieningen ervan;
2. de investeringsstrategieën en de bedrijfsplannen van de faciliteit, met inbegrip van prestatie-indicatoren, overeenkomstig de doelstellingen van de overeenkomst van Cotonou en de algemene beginselen van het ontwikkelingsbeleid van de Gemeenschap;
3. de jaarverslagen van de Investeringsfaciliteit;
4. alle algemene beleidsdocumenten, met inbegrip van evaluatierapporten betreffende de Investeringsfaciliteit.
**2.** Voorts brengt het IF-comité advies uit over:
1. voorstellen voor de toekenning van een rentesubsidie uit hoofde van artikel 2, lid 7, en artikel 4, lid 2, van bijlage II bij de overeenkomst. In dat geval brengt het comité tevens advies uit over het gebruik van deze rentesubsidie;
2. voorstellen voor een IF-investering voor projecten waarvoor de Commissie een negatief advies heeft uitgebracht;
3. andere voorstellen betreffende de Investeringsfaciliteit, op basis van de algemene beginselen zoals vastgelegd in de operationele richtsnoeren.
**3.** Het is aan de Bank om iedere kwestie waarvoor de goedkeuring of het advies van het IF-comité is vereist, zoals bepaald in de leden 1 en 2 van dit artikel, tijdig aan het IF-comité voor te leggen. De voorstellen die voor advies aan het comité worden voorgelegd moeten worden gedaan overeenkomstig de desbetreffende criteria en beginselen die in de operationele richtsnoeren zijn vastgelegd.
**4.** De Bank en de Commissie werken nauw samen en coördineren, in voorkomend geval, hun optreden, met name op de volgende gebieden:
de Bank stelt, samen met de Commissie, het ontwerp van operationele richtsnoeren van de Faciliteit op;
de Bank vraagt de Commissie vooraf om advies betreffende:
investeringsstrategieën, bedrijfsplannen en algemene beleidsdocumenten
de conformiteit van projecten in de overheidssector of in de financiële sector met de desbetreffende NSS of RSS of, in voorkomend geval, de algemene doelstellingen van de Investeringsfaciliteit;
tevens verzoekt de Bank de Commissie om instemming betreffende aan het IF-comité gedane voorstellen voor rentesubsidie, wat de overeenstemming ervan betreft met bijlage II, artikel 2, lid 7, en artikel 4, lid 2, van de ACS-EG-overeenkomst en met de in de operationele richtsnoeren van de Faciliteit vastgestelde criteria.
De Commissie wordt geacht een positief advies te hebben uitgebracht of met het voorstel te hebben ingestemd, tenzij zij uiterlijk twee weken na de indiening van het voorstel een negatief advies uitbrengt. Wanneer het advies van de Commissie is vereist voor een voorstel uit hoofde van het tweede streepje, onder b, dient de Bank haar verzoek in in de vorm van een kort memorandum waarin de doelstellingen en de grondgedachte van de voorgestelde actie worden geschetst, alsmede het belang ervan voor de landenstrategie.
**5.** De Bank onderneemt geen in lid 2 vermelde actie tenzij het IF-comité een positief advies heeft uitgebracht.
Indien het IF-comité een positief advies uitbrengt, besluit de Bank over het voorstel overeenkomstig haar eigen procedures. Meer bepaald kan zij, in het licht van nieuwe omstandigheden, besluiten het voorstel niet uit te voeren. De Bank stelt het IF-comité en de Commissie op gezette tijden in kennis van gevallen waarin zij heeft besloten een actie niet te ondernemen.
Voor leningen uit haar eigen middelen en voor IF-investeringen waarvoor het advies van het IF-comité niet is vereist, besluit de Bank overeenkomstig haar eigen procedures en, in het geval van de Faciliteit, overeenkomstig de door het IF-comité goedgekeurde richtsnoeren en investeringsstrategieën.
Ondanks een negatief advies van het IF-comité betreffende een voorstel tot toekenning van een rentesubsidie, kan de Bank de desbetreffende lening zonder rentesubsidie toekennen. De Bank stelt het IF-comité en de Commissie op gezette tijden in kennis van de gevallen waarin zij heeft besloten op deze wijze te handelen.
Onder voorbehoud van in de operationele richtsnoeren vastgestelde voorwaarden en op voorwaarde dat de hoofddoelstelling van de lening of IF-investering niet wordt gewijzigd, kan de Bank besluiten tot wijziging van de voorwaarden van een IF-lening of -investering waarover het IF-comité overeenkomstig lid 2 een positief advies heeft gegeven of een lening waarvoor het comité een positief advies betreffende de rentesubsidie heeft uitgebracht. In het bijzonder kan de Bank besluiten het bedrag van de lening of de IF-investering met maximum 20% te verhogen.
Voor projecten met rentesubsidie die onder artikel 2, lid 7, onder a, van bijlage II van de overeenkomst vallen, kan een dergelijke verhoging gepaard gaan met een proportionele verhoging van de rentesubsidie. De Bank stelt het IF-comité en de Commissie op gezette tijden in kennis van de gevallen waarin zij hiertoe heeft besloten. Indien voor projecten die onder artikel 2, lid 7, onder b, van bijlage II van de overeenkomst vallen, om verhoging van de subsidie wordt verzocht, moet het IF-comité advies uitbrengen vóór de Bank deze afhandelt.
**6.** De Bank beheert de IF-investeringen en alle middelen die zij namens de Investeringsfaciliteit houdt overeenkomstig de doelstellingen van de overeenkomst. Zij mag meer bepaald zitting hebben in de beheers- en toezichtsorganen van de rechtspersonen waarin de Investeringsfaciliteit is geïnvesteerd en mag transigeren, kwijting verlenen en de rechten die zij namens de Investeringsfaciliteit houdt, wijzigen.
De bepalingen van het akkoord werden voorlopig toegepast met ingang van 03-10-2000.