Naar hoofdinhoud
De bepalingen van deze Overeenkomst doen geen afbreuk aan de aan de onderdanen van de Overeenkomstsluitende Partijen toegekende rechten, de bepalingen van de tussen de Republiek Hongarije en de Benelux-Staten vigerende verdragen noch de overige verplichtingen van de Overeenkomstsluitende Partijen, die uit andere verdragen voortvloeien en met name: het Verdrag van Genève van 28 juli 1951 betreffende de status van vluchtelingen, als gewijzigd bij het Protocol van 31 januari 1967; het Verdrag van Rome van 4 november 1950 tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden; verdragen inzake rechtshulp bij uitlevering en doorgeleiding; internationale conventies betreffende de overname van vreemde onderdanen; het gemeenschapsrecht voor de Overeenkomstsluitende Partijen lidstaten van de Europese Unie, met name het op 14 juni 1985 te Schengen gesloten Akkoord betreffende de geleidelijke afschaffing van de controles aan de gemeenschappelijke grenzen en de op 19 juni 1990 gesloten Overeenkomst ter uitvoering van genoemd Akkoord van Schengen;, de bepalingen van de Overeenkomst van Dublin van 15 juni 1990 betreffende de vaststelling van de Staat die verantwoordelijk is voor de behandeling van een asielverzoek dat bij één van de Lidstaten van de Europese Unie wordt ingediend.

Rechtspraak bij dit artikel