Naar hoofdinhoud
1. Indien de aangezochte administratie van mening is dat de verzochte bijstand schadelijk zou kunnen zijn voor het algemene beleid, de soevereiniteit, de veiligheid of andere wezenlijke belangen van die Verdragsluitende Partij, of naar het oordeel van die douaneadministratie tot een schending van een industrieel, commercieel of beroepsgeheim zou kunnen leiden, kan zij weigeren bijstand te verlenen of kan zij uitsluitend bijstand verlenen indien aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. 2. Indien de verzoekende administratie niet in staat zou zijn een soortgelijk verzoek van de aangezochte administratie in te willigen, wijst zij daarop in haar verzoek. Inwilliging van een dergelijk verzoek wordt overgelaten aan het oordeel van de aangezochte administratie. 3. De bijstand kan door de aangezochte administratie worden uitgesteld op grond van het feit dat een lopend onderzoek of een lopende vervolging of procedure hiermee wordt doorkruist. In een dergelijk geval pleegt de aangezochte administratie overleg met de verzoekende administratie om te bepalen of de bijstand toch kan worden verleend onder de voorwaarden of omstandigheden die de aangezochte administratie eventueel verlangt. 4. Wanneer de bijstand wordt geweigerd of uitgesteld, dienen de redenen voor de weigering of het uitstel te worden gegeven.

Rechtspraak bij dit artikel