**1.** Verzoeken om bijstand uit hoofde van dit Verdrag worden, schriftelijk en vergezeld van nuttig geachte documenten, rechtstreeks aan de douaneadministratie van de andere Partij gericht. Wanneer de omstandigheden dit vereisen, kunnen verzoeken ook mondeling worden gedaan. Dergelijke verzoeken worden onmiddellijk schriftelijk bevestigd.
**2.** Verzoeken ingevolge het eerste lid van dit artikel bevatten de volgende bijzonderheden:
de administratie die het verzoek doet;
het onderwerp van en de reden voor het verzoek;
een korte beschrijving van de zaak, de juridische aspecten en de aard van de eventuele procedure;
indien bekend, de namen en adressen van de betrokken personen.
**3.** Een verzoek van één van de douaneadministraties om een bepaalde procedure te volgen wordt ingewilligd, met inachtneming van de wettelijke en administratieve bepalingen van de aangezochte Staat.
**4.** De in dit Verdrag bedoelde informatie wordt alleen aan ambtenaren medegedeeld die door elke douaneadministratie hiertoe zijn aangewezen. Een lijst van aldus aangewezen ambtenaren wordt aan elk van beide douaneadministraties verstrekt in overeenstemming met artikel 18, tweede lid, van dit Verdrag.
HOOFDSTUK VII
Artikel 11
Artikel 11
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Gemenebest van Australië inzake wederzijdse administratieve bijstand ten behoeve van de juiste toepassing van de douanewetgeving en van de voorkoming, opsporing en bestrijding van inbreuken op de douanewetgeving· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2003