Voor de toepassing van dit Verdrag:
wordt onder de term „bevoegde autoriteit” verstaan de minister, de regeringsdienst of andere autoriteit die bevoegd is bindende voorschriften, reglementen of andere instructies uit te vaardigen met betrekking tot de werktijden of de rusttijden van zeevarenden of de bemanning van schepen;
wordt onder de term „werktijden” verstaan de tijd gedurende welke een zeevarende wordt geacht werkzaamheden te verrichten ten behoeve van het schip;
wordt onder de term „rusttijden” verstaan de tijd die buiten de arbeidstijd valt; hieronder worden korte onderbrekingen niet begrepen;
wordt onder de term „zeevarende” verstaan een persoon die als zodanig wordt gedefinieerd in de nationale wetgeving of in collectieve overeenkomsten en die, in welke hoedanigheid dan ook, in dienst of tewerkgesteld is aan boord van een zeeschip waarop dit Verdrag van toepassing is;
wordt onder de term „reder” verstaan de eigenaar van het schip of elke andere organisatie of persoon, zoals de manager of rompbevrachter, die door de reder is belast met de verantwoordelijkheid voor de exploitatie van het schip en die bij de aanvaarding van die verantwoordelijkheid de verplichting op zich heeft genomen zich te kwijten van alle bijbehorende taken en verantwoordelijkheden.
DEEL I
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Verdrag betreffende de werktijden van zeevarenden en de bemanning van schepen· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 16 december 2003