**1.** De werk- of rusttijden dienen binnen de volgende grenzen te worden vastgesteld:
het maximumaantal arbeidsuren mag niet meer bedragen dan:
14 uren in iedere periode van 24 uur; en
72 uren in iedere periode van zeven dagen;
of
het minimumaantal uren rust mag niet minder bedragen dan:
tien uren in iedere periode van 24 uur; en
77 uren in iedere periode van zeven dagen.
**2.** Het aantal uren rust mag worden verdeeld in maximaal twee perioden, waarvan een ten minste zes uren dient te bedragen, en het tijdsbestek gelegen tussen de opeenvolgende rustperioden mag niet meer bedragen dan 14 uren.
**3.** Appèls, brandweer- en reddingsoefeningen en oefeningen voorgeschreven door de nationale wetgeving en internationale akten dienen zodanig te verlopen dat hierdoor de verstoring van de rustperioden zoveel mogelijk wordt beperkt en geen vermoeidheid wordt veroorzaakt.
**4.** In geval van situaties waarin een zeevarende oproepbaar is, bijvoorbeeld wanneer een machinekamer onbemand is, dient de zeevarende een behoorlijke rustperiode ter compensatie te krijgen indien de normale rustperiode wordt onderbroken vanwege werkoproepen.
**5.** Indien er geen collectieve overeenkomst of scheidsrechterlijke beslissing bestaat of indien de bevoegde autoriteit oordeelt dat het bepaalde in de overeenkomst of beslissing ten aanzien van het in het derde of vierde lid gestelde ontoereikend is, dient de bevoegde autoriteit de nodige bepalingen uit te vaardigen teneinde te waarborgen dat de betrokken zeevarenden voldoende rust genieten.
**6.** Niets in het eerste en tweede lid weerhoudt het Lid ervan door middel van nationale wetgeving of een procedure de bevoegde autoriteit toe te staan collectieve overeenkomsten goed te keuren of te registreren die uitzonderingen toelaten op de vastgestelde grenzen. Deze uitzonderingen dienen zo veel mogelijk in overeenstemming te zijn met de vastgestelde normen, maar mogen voorzien in frequentere of langere verlofperioden, of in compensatieverlof voor zeevarenden in wachtdienst of zeevarenden werkzaam aan boord van schepen op reizen van korte duur.
**7.** Elk Lid dient te eisen dat op een gemakkelijk toegankelijke plaats een overzicht wordt opgehangen van de organisatie van de werkzaamheden aan boord, dat voor elke functie ten minste de volgende gegevens dient te bevatten:
het rooster voor dienst op zee en dienst in de haven; en
het maximumaantal arbeidsuren of het minimumaantal rusturen dat door de in de Vlaggestaat geldende wetgeving of collectieve overeenkomsten wordt voorgeschreven.
**8.** Het in het zevende lid bedoelde overzicht dient te worden opgesteld in een standaardmodel in de werktaal of -talen van het schip en in het Engels.
DEEL II
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Verdrag betreffende de werktijden van zeevarenden en de bemanning van schepen· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 16 december 2003