Naar hoofdinhoud

DEEL II

Artikel 5

Gemeenschappelijke bepalingen voor passagiersdiensten

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Georgië inzake internationaal vervoer over de weg· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 september 2003

1. Vervoersvergunningen zijn persoonlijk en zijn niet overdraagbaar aan andere vervoersondernemers of aan derden. 2. Cabotage is uitsluitend toegestaan met bijzondere toestemming van het gastheerland. Lokale ritten uitsluitend georganiseerd voor een groep personen die door een en dezelfde vervoersondernemer naar die plaats worden gebracht, worden niet aangemerkt als cabotagediensten, mits dezen op de passagierslijst worden vermeld. 3. Aan ingezeten vervoersondernemers worden vervoersvergunningen afgegeven door de bevoegde autoriteiten of door een door die autoriteiten aangewezen instantie. 4. Als uitzondering op de bepalingen van Deel II zijn de volgende categorieën vervoer vrijgesteld van vergunningsvereisten: vervoer van voertuigen die zijn beschadigd of onklaar geraakt en het vervoer van bergingsvoertuigen; onbeladen reizen van een voertuig dat wordt gestuurd ter vervanging van een voertuig dat onklaar is geraakt in een ander land, met inbegrip van de terugreis, na reparatie, van het voertuig dat onklaar was geraakt; de eerste reis van recentelijk gekochte voertuigen, nieuw of tweedehands, voorzien van een door de bevoegde autoriteiten afgegeven exportregistratienummer, indien de eerste reis plaatsvindt naar het land waar het voertuig definitief wordt geregistreerd.

Rechtspraak bij dit artikel