Naar hoofdinhoud
1. Dit Verdrag treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de datum waarop de Verdragsluitende Staten elkander hebben medegedeeld dat aan hun wettelijke vereisten is voldaan. 2. Dit Verdrag wordt voorlopig toegepast vanaf de eerste dag van de zesde maand na de ondertekening, tenzij een van beide Verdragsluitende Staten voor die datum de andere Verdragsluitende Staat kennis geeft het Verdrag niet voorlopig te zullen toepassen. 3. Met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden is dit Verdrag van toepassing op het deel van het Koninkrijk in Europa, op de Nederlandse Antillen en op Aruba, tenzij de in het eerste lid bedoelde kennisgeving anders voorziet. In het laatste geval kan het Koninkrijk der Nederlanden de toepassing van dit Verdrag te allen tijde uitbreiden tot één of meer van zijn samenstellende delen, door kennisgeving aan en met instemming van de Republiek Trinidad en Tobago. 4. Dit Verdrag is van toepassing op elk verzoek dat na zijn inwerkingtreding wordt ingediend of, indien dit Verdrag in overeenstemming met het tweede lid voorlopig wordt toegepast, na de begindatum van een dergelijke toepassing, zelfs indien het feit ter zake waarvan om uitlevering wordt verzocht, vóór die datum is gepleegd.

Rechtspraak bij dit artikel