Wat het door de feitelijke vervoerder verrichte vervoer betreft, kan elke hulppersoon van deze vervoerder of van de contractuele vervoerder, indien hij bewijst dat hij heeft gehandeld in de uitoefening van zijn dienstbetrekking, zich beroepen op de voorwaarden en de aansprakelijkheidsgrenzen die uit hoofde van dit Verdrag van toepassing zijn op de vervoerder wiens hulppersoon hij is, tenzij wordt bewezen dat hij op zodanige wijze heeft gehandeld dat geen beroep kan worden gedaan op de aansprakelijkheidsgrenzen overeenkomstig dit Verdrag.
HOOFDSTUK V
Artikel 43
Hulppersonen
Onderdeel van Verdrag tot het brengen van eenheid in enige bepalingen inzake het internationale luchtvervoer· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 28 juni 2004