**1.** De porten voor de verschillende internationale en bijzondere postale diensten worden door de postdiensten vastgelegd in overeenstemming met de grondbeginselen van het Verdrag en de Regelingen. De porten dienen in principe te worden vastgesteld in verhouding tot de kosten van het leveren van deze diensten.
**2.** De toegepaste porten, met inbegrip van die welke ter informatie in de Akten zijn vermeld, dienen minimaal gelijk te zijn aan die welke worden toegepast voor zendingen in het binnenlandse verkeer met dezelfde kenmerken (categorie, volume, verwerkingstermijn, enz.).
**3.** Het is de postdiensten toegestaan om alle in de Akten voorkomende porten te overschrijden, ook die welke niet ter informatie zijn vermeld:
indien de porten die zij toepassen voor dezelfde diensten in hun binnenlandse verkeer hoger zijn dan de vastgelegde;
indien dit nodig is om de exploitatiekosten van hun diensten te dekken of om een andere aanvaardbare reden.
**4.** Boven de in 2 vastgestelde minimale limiet voor porten hebben de postdiensten de mogelijkheid om op hun binnenlandse wetgeving gebaseerde lagere porten toe te staan voor briefpostzendingen die in hun land worden afgegeven. Zij hebben met name de mogelijkheid voorkeurstarieven toe te kennen aan hun cliënten die een aanzienlijk postverkeer hebben.
**5.** Het is verboden aan cliënten andere porten in rekening te brengen dan die waarin is voorzien door de Akten.
**6.** Behalve in de gevallen waarin door de Akten is voorzien, behoudt elke postdienst de porten die hij heeft geheven.
DEEL I › ENIG HOOFDSTUK ENIG HOOFDSTUK
Artikel 7
Porten
Onderdeel van Algemeen Postverdrag· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 11 oktober 2004