**1.** De Postraad is samengesteld uit veertig leden die hun functie gedurende het tijdvak tussen twee opeenvolgende Congressen uitoefenen.
**2.** De leden van de Postraad worden door het Congres gekozen, aan de hand van een duidelijk omschreven geografische spreiding. Vierentwintig zetels zijn gereserveerd voor de ontwikkelingslanden en zestien zetels voor de ontwikkelde landen. Bij elk Congres wordt ten minste een derde van het aantal leden vernieuwd.
**3.** De vertegenwoordiger van elk van de leden van de Postraad wordt benoemd door de postdienst van zijn land. Deze vertegenwoordiger moet een gekwalificeerd functionaris van de postdienst zijn.
**4.** De operationele kosten van de Postraad komen ten laste van de Unie. De leden van de Raad ontvangen geen enkele vergoeding. De reis- en verblijfkosten van de vertegenwoordigers van de aan de Postraad deelnemende postdiensten komen ten laste van deze diensten. De vertegenwoordiger van elk van de landen die volgens de door de Organisatie van de Verenigde Naties opgestelde lijsten als benadeelde landen worden beschouwd, hebben, behalve voor vergaderingen die gedurende het Congres plaatsvinden, evenwel recht op vergoeding van hetzij de prijs van een economy class retour vliegticket of een eerste klasse treinkaartje, hetzij de kosten van de reis met elk ander middel, mits dat bedrag de prijs van het economy class retour vliegticket niet te boven gaat.
**5.** Tijdens zijn eerste vergadering, die bijeen wordt geroepen en wordt geopend door de Voorzitter van het Congres, kiest de Postraad uit zijn leden een Voorzitter, een Vice-Voorzitter, de Commissievoorzitters en de Voorzitter van de Strategische Planninggroep.
**6.** De Postraad stelt zijn eigen Reglement van orde vast.
**7.** In beginsel vergadert de Postraad jaarlijks op de zetel van de Unie. De datum en plaats van de vergadering worden door de Voorzitter van de Raad vastgesteld, na overeenstemming met de Voorzitter van de Raad van Bestuur en de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau.
**8.** De Voorzitter, de Vice-Voorzitter, de Voorzitters van de Commissies van de Postraad alsmede de Voorzitter van de Strategische Planninggroep vormen de Commissie van Beheer. Deze Commissie bereidt de werkzaamheden van elke zitting van de Postraad voor en geeft hieraan leiding, en neemt alle taken op zich die de Raad besluit aan haar op te dragen of die aan de hand van het strategische planningsproces noodzakelijk blijken.
**9.** De Postraad heeft de volgende bevoegdheden:
het leiden van de bestudering van de belangrijkste exploitatie-, handels-, technische en economische problemen en problemen op het gebied van technische samenwerking die van belang zijn voor de postdiensten van alle lidstaten van de Unie, in het bijzonder vraagstukken die aanzienlijke financiële gevolgen hebben (toeslagen, eindkosten, doorvoerkosten, basistarief luchtvervoer, quota postpakketten en terpostbezorging van briefpostzendingen in het buitenland), het samenstellen van informatie en het formuleren van opinies hieromtrent en het aanbevelen van te nemen maatregelen;
het herzien van de Regelingen van de Unie binnen zes maanden na de sluiting van het Congres, tenzij het Congres anderszins besluit; bij spoedeisende aangelegenheden kan de Postraad eveneens de genoemde Regelingen wijzigen tijdens andere zittingen; in beide gevallen blijft de Postraad wat betreft het beleid en de fundamentele beginselen ondergeschikt aan de richtlijnen van de Raad van Bestuur;
het coördineren van de praktische maatregelen voor de ontwikkeling en de verbetering van de internationale postale diensten;
het, onder voorbehoud van de goedkeuring van de Raad van Bestuur in het kader van diens bevoegdheden, ondernemen van elke actie die nodig wordt geacht voor het behouden en verbeteren van de kwaliteit van de internationale postale dienst en om deze te moderniseren;
het formuleren van voorstellen die ter goedkeuring worden voorgelegd aan hetzij het Congres, hetzij aan de postdiensten overeenkomstig artikel 122; de goedkeuring van de Raad van Bestuur is vereist wanneer deze voorstellen betrekking hebben op vraagstukken die onder de bevoegdheid van de Raad vallen;
het, op verzoek van de postdienst van een lidstaat, bestuderen van elk voorstel dat deze postdienst overeenkomstig artikel 121 aan het Internationaal Bureau zendt, het opstellen van het commentaar hierop en het Bureau opdragen deze bij het genoemde voorstel te voegen alvorens dit ter goedkeuring voor te leggen aan de postdiensten van de lidstaten;
het, indien nodig, aanbevelen en eventueel aannemen – na goedkeuring door de Raad van Bestuur en overleg met alle postdiensten – van regelgeving of een nieuwe werkwijze in afwachting van het besluit van het Congres terzake;
het, in de vorm van aanbevelingen aan de postdiensten, opstellen en aanreiken van normen op het gebied van techniek en exploitatie en op andere gebieden binnen zijn bevoegdheden waarop een uniforme werkwijze onmisbaar is; de postraad verstrekt dienovereenkomstig, indien nodig, ook wijzigingen van reeds door hem vastgestelde normen;
het, in overleg met de Raad van Bestuur en met diens goedkeuring, bestuderen van het door het Internationaal Bureau opgestelde en aan het Congres voor te leggen ontwerp-strategisch plan van de UPU; het jaarlijks herzien van het door het Congres goedgekeurde plan, met de medewerking van de Strategische Planninggroep en het Internationaal Bureau, alsmede met de goedkeuring van de Raad van Bestuur;
het goedkeuren van het door het Internationaal Bureau opgestelde jaarverslag inzake de activiteiten van de Unie, op die onderdelen die betrekking hebben op de taken en verantwoordelijkheden van de Postraad;
het nemen van besluiten ten aanzien van de met de postdiensten te leggen contacten voor de vervulling van zijn taken;
het bestuderen van de problemen die verband houden met het onderwijs en de beroepsopleiding die nieuwe landen en ontwikkelingslanden aangaan;
het treffen van de nodige maatregelen met het oog op de bestudering en verspreiding van de door bepaalde landen opgedane ervaring en geboekte vooruitgang op het gebied van techniek, exploitatie, economie en beroepsopleiding die de postdiensten aangaan;
het bestuderen van de huidige situatie en de behoefte aan postale diensten in nieuwe landen en ontwikkelingslanden en het opstellen van passende aanbevelingen over de wijze waarop en de middelen waarmee de postale diensten in deze landen kunnen worden verbeterd;
het, na overleg met de Raad van Bestuur, nemen van passende maatregelen op het gebied van technische samenwerking met alle lidstaten van de Unie, in het bijzonder met nieuwe landen en ontwikkelingslanden;
het bestuderen van alle overige vraagstukken die door een lid van de Postraad, door de Raad van Bestuur of door een postdienst van een lidstaat aan hem worden voorgelegd.
**10.** De leden van de Postraad nemen daadwerkelijk deel aan de activiteiten van de Raad. De postdiensten van de lidstaten die niet tot de Postraad behoren kunnen, op hun verzoek, aan de studies meewerken, mits zij zich voegen naar de voorwaarden die de Raad kan stellen ter waarborging van het resultaat en de doeltreffendheid van zijn werkzaamheden. Op de postdiensten van de lidstaten kan eveneens een beroep worden gedaan om werkgroepen voor te zitten wanneer hun kennis of ervaring zulks rechtvaardigt.
**11.** Op basis van het door het Congres aangenomen strategisch plan van de UPU en, in het bijzonder, het gedeelte dat betrekking heeft op de strategieën van de permanente organen van de Unie, stelt de Postraad tijdens zijn zitting na het Congres, een basiswerkprogramma op dat een aantal tactieken bevat ter verwezenlijking van de strategieën. Dit basisprogramma, dat een beperkt aantal werkzaamheden op het gebied van actuele onderwerpen van gemeenschappelijk belang behelst, wordt jaarlijks herzien aan de hand van de nieuwe feiten en prioriteiten en de in het strategisch plan aangebrachte wijzigingen.
**12.** Teneinde te zorgen voor een doeltreffende samenhang tussen de werkzaamheden van beide organen kan de Raad van Bestuur vertegenwoordigers benoemen om de vergaderingen van de Postraad in de hoedanigheid van waarnemers bij te wonen.
**13.** De Postraad kan, zonder stemrecht, op haar vergaderingen uitnodigen:
elke internationale instantie of iedere gekwalificeerde persoon die hij bij zijn werkzaamheden wenst te betrekken;
postdiensten van de lidstaten die niet tot de Postraad behoren;
elke vereniging of onderneming waarmee hij overleg wenst te plegen over vraagstukken die op zijn activiteiten betrekking hebben.
HOOFDSTUK I
Artikel 104
Samenstelling, werking en vergaderingen van de Postraad
Onderdeel van Algemeen Reglement van de Wereldpostunie· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 11 oktober 2004