Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK V

Artikel 12

Artikel 12

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Suriname inzake wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken· Arbitrage

Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2006

1. Verzoeken om bijstand uit hoofde van dit Verdrag worden rechtstreeks aan de douaneadministratie van de andere Verdragsluitende Partij gericht. Verzoeken worden schriftelijk of elektronisch gedaan en gaan vergezeld van alle informatie die voor de inwilliging van het verzoek nuttig wordt geacht. De aangezochte administratie kan schriftelijke bevestiging van elektronische verzoeken verlangen. Wanneer de omstandigheden dit vereisen, kunnen verzoeken mondeling worden gedaan. Dergelijke verzoeken worden zo spoedig mogelijk schriftelijk bevestigd. 2. Verzoeken ingevolge het eerste lid van dit artikel bevatten de volgende gegevens: de naam van de verzoekende administratie; het onderwerp van en de reden voor het verzoek, alsmede de aard van de verzochte bijstand; een korte beschrijving van de desbetreffende aangelegenheid en van de administratieve en juridische aspecten die daaraan zijn verbonden; de namen en de adressen van de personen waarop het verzoek betrekking heeft, voorzover bekend. 3. Aan een voorstel van de verzoekende administratie om een bepaalde procedure of methode te volgen, wordt door de aangezochte administratie tegemoetgekomen met inachtneming van haar nationale wettelijke en administratieve bepalingen. 4. Om originele informatie wordt slechts verzocht in gevallen waarin niet met afschriften kan worden volstaan en deze wordt zo spoedig mogelijk teruggezonden. De rechten van de aangezochte administratie of van derden terzake blijven onverlet.

Rechtspraak bij dit artikel