**1.** Een Staat kan bij de ondertekening of bij de nederlegging van zijn akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding aangeven op welk grondgebied of grondgebieden waarvan hij de internationale betrekkingen behartigt, dit Kaderverdrag van toepassing is.
**2.** Een Staat kan op een latere datum, door middel van een aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa gerichte verklaring, de toepassing van dit Kaderverdrag uitbreiden tot een ander in de verklaring aangegeven gebied. Ten aanzien van dat gebied treedt het Kaderverdrag in werking op de eerste dag van de maand volgend op het verstrijken van een tijdvak van drie maanden na de datum van ontvangst van deze verklaring door de Secretaris-Generaal.
**3.** Een ingevolge de voorgaande twee leden afgelegde verklaring kan ten aanzien van een in deze verklaring aangegeven gebied worden ingetrokken door middel van een aan de Secretaris-Generaal gerichte kennisgeving. De intrekking wordt van kracht op de eerste dag van de maand volgend op het verstrijken van een tijdvak van drie maanden na de datum van ontvangst van deze kennisgeving door de Secretaris-Generaal.
TITEL V
Artikel 30
Artikel 30
Onderdeel van Kaderverdrag inzake de bescherming van nationale minderheden· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juni 2005