Naar hoofdinhoud

TITEL V

Artikel 15

Verzamelingen ex situ van plantgenetische bronnen voor voedsel en landbouw bij Internationale centra voor landbouwonderzoek van de Adviesgroep internationaal landbouwonderzoek en andere internationale instellingen.

Onderdeel van Internationaal Verdrag inzake plantgenetische bronnen voor voedsel en landbouw· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 16 februari 2006

15.1. De verdragsluitende partijen erkennen het belang voor dit Verdrag van de verzamelingen ex situ van plantgenetische bronnen voor voedsel en landbouw bij Internationale Instituten voor landbouwonderzoek (IARC's) van de Adviesgroep inzake internationaal landbouwkundig onderzoek (CGIAR). De verdragsluitende partijen doen een beroep op de IARC's om overeenkomsten te sluiten met het bestuursorgaan met betrekking tot die verzamelingen ex situ, op grond van de volgende voorwaarden: Plantgenetische bronnen voor voedsel en landbouw die zijn opgenomen in Aanhangsel I van dit Verdrag en die bij de IARC's worden bewaard, worden ter beschikking gesteld overeenkomstig de bepalingen in Titel IV van dit Verdrag. Plantgenetische bronnen voor voedsel en landbouw anders dan die welke zijn opgenomen in Aanhangsel I van dit Verdrag, die zijn verzameld vóór het in werking treden van het Verdrag en die worden bewaard door de IARC's, dienen ter beschikking te worden gesteld overeenkomstig de bepalingen van de momenteel geldende Overeenkomst inzake overdracht van materiaal ter navolging van overeenkomsten tussen de IARC's en de FAO. Het bestuursorgaan zal deze Overeenkomst inzake overdracht van materiaal uiterlijk op de tweede gewone vergadering, in overleg met de IARC's, wijzigen overeenkomstig de relevante bepalingen van dit Verdrag, met name de artikelen 12 en 13, en op grond van de volgende voorwaarden: de IARC's dienen het bestuursorgaan met regelmatige tussenpozen op de hoogte te houden van de Overeenkomsten inzake overdracht van materiaal die worden gesloten, overeenkomstig een door het bestuursorgaan vastgesteld tijdschema; verdragsluitende partijen op wier grondgebied de plantgenetische bronnen voor voedsel en landbouw werden verzameld onder in situ-omstandigheden, dienen, op verzoek, monsters van die plantgenetische bronnen voor voedsel en landbouw te ontvangen, zonder een Overeenkomst inzake overdracht van materiaal; voordelen die voortvloeien uit bovenstaande Overeenkomst inzake overdracht van materiaal en die toekomen aan het in artikel 19 lid 3, onder f) genoemde mechanisme, zijn met name bestemd voor het behoud en het duurzame gebruik van die plantgenetische bronnen voor voedsel en landbouw, in het bijzonder in nationale en regionale programma's in ontwikkelingslanden en landen met een overgangseconomie, met name in gebieden met een diversiteit aan gewassen en in de minst ontwikkelde landen; de IARC's dienen gepaste maatregelen te treffen, overeenkomstig hun capaciteit, om de bepalingen van de Overeenkomsten inzake overdracht van materiaal doelmatig te kunnen nakomen en dienen het bestuursorgaan direct op de hoogte te stellen van niet-nakoming. De IARC's erkennen de bevoegdheid van het bestuursorgaan om algemene aanwijzingen te geven inzake verzamelingen ex situ die door hen worden bewaard en die vallen onder de bepalingen van dit Verdrag. De wetenschappelijke en technische faciliteiten waar die verzamelingen ex situ worden bewaard, blijven onder het gezag van de IARC's, die verplicht zijn om die verzamelingen ex situ te beheren en te besturen overeenkomstig internationaal aanvaarde normen, in het bijzonder de regelgeving inzake genenbanken die zijn geratificeerd door de Commissie Genetische Bronnen voor Voedsel en Landbouw van de FAO. Indien een IARC daarom verzoekt, dient de Secretaris zich in te spannen om de gepaste technische bijstand te verlenen. De Secretaris heeft te allen tijde recht van toegang tot de faciliteiten, en het recht om alle daar verrichte activiteiten die rechtstreeks verband houden met het behoud en de uitwisseling van materiaal zoals vermeld in dit artikel, te controleren. Indien het correcte behoud van deze verzamelingen ex situ bij de IARC's wordt bemoeilijkt of bedreigd door wat voor omstandigheid dan ook, waaronder overmacht, dient de Secretaris, met toestemming van het gastland, zo veel mogelijk bijstand te verlenen bij de evacuatie of overdracht ervan. 15.2. De verdragsluitende partijen komen overeen toegang tot plantgenetische bronnen voor voedsel en landbouw die zijn opgenomen in Aanhangsel I in het multilateraal systeem, te verschaffen aan IARC's van de CGIAR die overeenkomsten hebben gesloten met het bestuursorgaan conform dit Verdrag. Genoemde centra worden opgenomen in een lijst die de Secretaris dient bij te houden en die op verzoek ter beschikking dient te worden gesteld aan de verdragsluitende partijen. 15.3. Materiaal anders dan het genoemde in Aanhangsel I, dat de IARC's ontvangen en bewaren na inwerkingtreding van dit Verdrag, dient beschikbaar te zijn voor toegang onder voorwaarden die in overeenstemming zijn met wederzijds overeengekomen voorwaarden door de IARC's die het materiaal ontvangen, met het land van oorsprong van die bronnen of het land dat deze bronnen heeft ontvangen overeenkomstig het Verdrag inzake Biologische Diversiteit of andere toepasselijke wetgeving. 15.4. De verdragsluitende partijen worden aangemoedigd om IARC's die overeenkomsten met het bestuursorgaan hebben gesloten, toegang te verschaffen, onder wederzijds overeengekomen voorwaarden, tot plantgenetische bronnen voor voedsel en landbouw die niet worden genoemd in Aanhangsel I en die van belang zijn voor de programma's en activiteiten van de IARC's. 15.5. Het bestuursorgaan dient zich tevens in te spannen om overeenkomsten te sluiten voor de in dit artikel genoemde doeleinden met andere relevante internationale instellingen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel