Een werknemer, die onderdaan van een van de Verdragsluitende Partijen is en zich naar het grondgebied van de andere Partij heeft begeven, heeft gedurende zijn verblijf op dit grondgebied recht op werkloosheidsuitkeringen ingevolge de wettelijke regeling van laatstbedoelde Verdragsluitende Partij, onder de volgende voorwaarden:
hij dient tewerkgesteld te zijn overeenkomstig de wettelijke regelingen inzake de tewerkstelling van buitenlandse werknemers;
hij dient te voldoen aan de voorwaarden die door de wettelijke regeling van de laatstbedoelde Verdragsluitende Partij zijn gesteld om in aanmerking te komen voor uitkeringen, rekening houdende met de in artikel 37 bedoelde samentelling van tijdvakken.
TITEL III › Hoofdstuk V
Artikel 38
Artikel 38
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Tunesië inzake sociale zekerheid· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 1 december 1979