**1.** Iedere Partij neemt de wetgevende en andere maatregelen die nodig zijn om haar bevoegde autoriteiten in staat te stellen de spoedbewaring te bevelen of op soortgelijke wijze de spoedbewaring te bewerkstelligen van gespecificeerde computergegevens, waaronder verkeersgegevens, die zijn opgeslagen door middel van een computersysteem, in het bijzonder wanneer er redenen zijn om te vermoeden dat de computergegevens bijzonder vatbaar zijn voor verlies of wijziging.
**2.** Wanneer een Partij uitvoering geeft aan het eerste lid door middel van een bevel aan een persoon de specifieke opgeslagen computergegevens die in diens bezit zijn of tot welker toegang hij gerechtigd is, te bewaren, neemt die Partij de wetgevende en andere maatregelen die nodig kunnen zijn om deze persoon ertoe te verplichten de integriteit van die computergegevens te verzekeren en te handhaven voor een tijdsduur zolang als nodig is, met een maximum van negentig dagen, teneinde de bevoegde autoriteiten in staat te stellen de verstrekking van deze gegevens te verlangen. Een Partij kan bepalen dat een dergelijk bevel kan worden verlengd.
**3.** Iedere Partij neemt de wetgevende en andere maatregelen die nodig zijn om de bewaarder of andere persoon belast met de bewaring van de computergegevens te verplichten de toepassing van dergelijke procedures gedurende de in haar nationale recht voorziene termijn geheim te houden.
**4.** Op de in dit artikel bedoelde bevoegdheden en procedures zijn de artikelen 14 en 15 van toepassing.
HOOFDSTUK II › AFDELING 2 › TITEL 2
Artikel 16
Spoedbewaring van opgeslagen computergegevens
Onderdeel van Verdrag inzake de bestrijding van strafbare feiten verbonden met elektronische netwerken· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 maart 2007