Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 7

Voorzorgen bij aanvallen

Onderdeel van Tweede Protocol bij het Haags Verdrag van 1954 inzake de bescherming van culturele goederen in geval van een gewapend conflict· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 30 april 2007

Onverminderd andere voorzorgen die zijn voorgeschreven door het internationale humanitaire recht bij de uitvoering van militaire operaties, dient elke Partij bij het conflict: alles te doen wat praktisch uitvoerbaar is om te verifiëren of de aan te vallen doelen geen cultuurgoederen zijn die ingevolge artikel 4 van het Verdrag worden beschermd; alle praktisch uitvoerbare voorzorgen te nemen bij de keuze van middelen en methoden voor de aanval teneinde bijkomende schade aan cultuurgoederen die ingevolge artikel 4 van het Verdrag worden beschermd, te voorkomen, en in ieder geval tot het uiterste te beperken; af te zien van enige aanval waarvan kan worden verwacht dat deze bijkomende schade toebrengt aan de ingevolge artikel 4 van het Verdrag beschermde cultuurgoederen, die met betrekking tot het te verwachten tastbare en rechtstreekse militaire voordeel buitensporig zou zijn; en een aanval af te gelasten of op te schorten indien duidelijk wordt: dat het doel een ingevolge artikel 4 van het Verdrag beschermd cultuurgoed is; dat van de aanval kan worden verwacht dat deze bijkomende schade veroorzaakt aan ingevolge artikel 4 van het Verdrag beschermde cultuurgoederen, die in verhouding tot het te verwachten tastbare en rechtstreekse militaire voordeel buitensporig zal zijn.

Rechtspraak bij dit artikel