Naar hoofdinhoud

Artikel XIII

Tarieven

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Bolivia inzake internationaal luchtverkeer tussen Aruba en Bolivia· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 15 juli 2003

1. Elk der Verdragsluitende Partijen staat elk der aangewezen luchtvaartmaatschappijen toe tarieven vast te stellen voor het luchtvervoer van de derde en vierde vrijheid, gebaseerd op door de markt bepaalde commerciële overwegingen. Tussenkomst van de Verdragsluitende Partijen wordt beperkt tot: het voorkomen van toepassingen of tarieven die discriminatoir of extreem hoog zijn; het beschermen van de luchtvaartmaatschappijen tegen kunstmatig laag gehouden tarieven die mogelijk zijn gemaakt door directe of indirecte overheidssteun of subsidies. 2. Geen van de Luchtvaartautoriteiten van de Verdragsluitende Partijen kan eenzijdig optreden teneinde de introductie van enig tarief te belemmeren dat een door een van de Verdragsluitende Partijen aangewezen luchtvaartmaatschappijen wil gaan rekenen of rekent, met uitzondering van het bepaalde in het derde en vierde lid van dit artikel. 3. De Luchtvaartautoriteiten van elk der Verdragsluitende Partijen kunnen eisen dat de tarieven, vanuit of naar hun grondgebied, die de luchtvaartmaatschappijen van de andere Verdragsluitende Partij willen gaan rekenen binnen een termijn van ten hoogste 60 dagen voor de voorgestelde ingangsdatum worden meegedeeld aan of vastgelegd bij deze Luchtvaartautoriteiten. 4. Indien een der Luchtvaartautoriteiten van de Verdragsluitende Partijen van oordeel is dat een voorgesteld of gehanteerd tarief strijdig is met de in het eerste lid van dit artikel neergelegde bepalingen, dienen zij de Luchtvaartautoriteiten van de andere Verdragsluitende Partij, zo spoedig mogelijk, op de hoogte te stellen van de redenen waarom zij niet akkoord gaan. De Luchtvaartautoriteiten van beide Verdragsluitende Partijen spannen zich vervolgens tot het uiterste in om de kwestie onderling op te lossen. Elk van de Verdragsluitende Partijen kan om overleg verzoeken, hetgeen zal worden gehouden binnen een termijn van ten hoogste 60 dagen na de datum van ontvangst van het verzoek, en de Verdragsluitende Partijen werken samen teneinde binnen een termijn van ten hoogste 30 dagen te kunnen beschikken over de gegevens die benodigd zijn voor het bereiken van een gemotiveerde oplossing van de kwestie. 5. Wanneer de Luchtvaartautoriteiten tot overeenstemming komen over een tarief waar eerder bezwaar tegen is gemaakt, stelt elk der Verdragsluitende Partijen alles in het werk om te zorgen dat dit tarief werkelijk wordt gehanteerd. Wanneer na afloop van het overleg geen onderlinge overeenstemming is bereikt, blijft het oude tarief van kracht.

Rechtspraak bij dit artikel