**1.** Behoudens het bepaalde in de tweede alinea, geldt voor het personeel van het Centrum het statuut van het personeel, dat wordt vastgesteld door de Raad, die besluit overeenkomstig artikel 6, lid 3 sub b).
Indien dit statuut niet van toepassing is op de arbeidsvoorwaarden van een personeelslid van het Centrum, is het recht van de Staat waar de betrokkene zijn werkzaamheden verricht, van toepassing.
**2.** De aanwerving van het personeel geschiedt op grond van de persoonlijke bekwaamheden der betrokkenen en met inachtneming van het internationale karakter van het Centrum.
Geen enkel ambt kan worden voorbehouden aan onderdanen van een bepaalde Lid-Staat.
**3.** Er kan een beroep worden gedaan op personeelsleden van nationale organisaties van de Lid-Staten, die voor een bepaalde duur ter beschikking van het Centrum worden gesteld.
**4.** De Raad keurt de benoeming en het ontslag goed van de personeelsleden van de in het statuut omschreven hogere bezoldigingscategorieën, alsmede van de financiële controleur en van diens plaatsvervanger.
**5.** Geschillen in verband met de toepassing van het statuut of de uitvoering van de dienstcontracten van het personeel worden beslecht overeenkomstig de bepalingen van het statuut.
**6.** Een ieder die in het Centrum werkt, is, onderworpen aan het gezag van de directeur en dient alle door de Raad goedgekeurde algemene voorschriften na te leven.
**7.** Iedere Lid-Staat is gehouden het internationale karakter van de verantwoordelijkheid van de directeur en van de overige personeelsleden van het Centrum te eerbiedigen. Bij de uitoefening van hun functies mogen de directeur en de overige personeelsleden geen instructies van enige Regering of van enige andere autoriteit buiten het Centrum vragen of ontvangen.
Artikel 10
Artikel 10
Onderdeel van Overeenkomst tot oprichting van het Europees Centrum voor weersvoorspellingen op middellange termijn· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 november 1975