**1.** De Internationale Arbeidsorganisatie geniet op het gebied van ieder Lid de voorrechten en immuniteiten die nodig zijn voor het verwezenlijken van haar doeleinden.
**2.** De afgevaardigden ter Conferentie, de Leden van de Raad van Beheer en de Directeur-Generaal alsmede de functionarissen van het Bureau genieten eveneens de voorrechten en immuniteiten die nodig zijn voor de onafhankelijke uitoefening van hun werkzaamheden in verband met de Organisatie.
**3.** Deze voorrechten en immuniteiten worden omschreven in een afzonderlijke regeling die door de Organisatie wordt opgesteld en door de Lid-Staten moet worden aanvaard.
HOOFDSTUK IV
Artikel 40
Artikel 40
Onderdeel van Statuut van de Internationale Arbeidsorganisatie· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 19 oktober 1973