Elke Staat kan, op het tijdstip van ondertekening, bekrachtiging, goedkeuring, aanvaarding of toetreding verklaren dat het Verdrag zich uitstrekt tot alle gebieden voor welker internationale betrekkingen hij verantwoordelijk is of tot een of meer van deze gebieden. Deze verklaring wordt van kracht op de datum van die inwerkingtreding van het Verdrag voor genoemde Staat.
Daarna dient elke zodanige uitbreiding ter kennis te wonden gebracht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken van Nederland.
De uitbreiding geldt voor de betrekkingen tussen die Verdragsluitende Staten die niet binnen twaalf maanden na de ontvangst van de kennisgeving bedoeld in artikel 37, onder 4, bezwaar daartegen hebben gemaakt, en het gebied of die gebieden voor welker internationale betrekkingen de betrokken Staat verantwoordelijk is en voor welke de kennisgeving is gedaan.
Een zodanig bezwaar kan tevens door elke Lid-Staat worden gemaakt op het tijdstip van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring van het Verdrag na de uitbreiding.
Deze bezwaren worden ter kennis gebracht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken van Nederland.
HOOFDSTUK VII
Artikel 32
Artikel 32
Onderdeel van Verdrag inzake de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen over onderhoudsverplichtingen· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht
Deze tekst geldt sinds 1 maart 1981