Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK VI

Artikel 10

Bevoegdheden en taken van de Raad

Onderdeel van Internationale Koffieovereenkomst 2001· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 25 mei 2007

1. Bij de Raad berusten alle in het kader van deze overeenkomst uitdrukkelijk verleende bevoegdheden; de Raad heeft de bevoegdheden en vervult de taken die voor de uitvoering van de bepalingen van deze overeenkomst noodzakelijk zijn. 2. Met de controle van de geldigheid van schriftelijke mededelingen met betrekking tot het bepaalde in artikel 9, lid 2, artikel 12, lid 3, en artikel 14, lid 2, belast de Raad zijn voorzitter, die daarin wordt bijgestaan door het secretariaat. De voorzitter brengt verslag uit aan de Raad. 3. De Raad kan alle commissies en werkgroepen instellen die hij noodzakelijk acht. 4. De Raad stelt met meervoudige tweederde meerderheid van stemmen de voor de uitvoering van deze overeenkomst nodige en daarmee in overeenstemming zijnde voorschriften vast, met inbegrip van zijn reglement van orde en het financieel reglement en het personeelsreglement van de Organisatie. De Raad kan in zijn reglement van orde een procedure opnemen om over bepaalde vraagstukken een beslissing te nemen zonder bijeen te komen. 5. De Raad houdt tevens de voor de uitoefening van zijn taken in het kader van deze overeenkomst noodzakelijke bescheiden en alle andere door hem wenselijk geachte bescheiden bij.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel