Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK IX

Artikel 24

Vaststelling van de huishoudelijke begroting en van de bijdragen

Onderdeel van Internationale Koffieovereenkomst 2001· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 25 mei 2007

1. Gedurende de tweede helft van ieder boekjaar keurt de Raad de administratieve begroting van de Organisatie voor het volgende boekjaar goed en stelt hij de bijdrage van ieder lid aan de begroting vast. Door de uitvoerend directeur wordt onder toezicht van de Bestuursraad een ontwerp van huishoudelijke begroting opgesteld overeenkomstig artikel 19, lid 4. 2. De bijdrage van ieder lid aan de huishoudelijke begroting van ieder boekjaar wordt bepaald door de verhouding van het aantal stemmen van dat lid op de datum waarop de huishoudelijke begroting voor dat boekjaar wordt goedgekeurd, tot het totale aantal stemmen van alle leden. Indien echter aan het begin van het boekjaar waarvoor de bijdragen worden vastgesteld, wijzigingen optreden in de verdeling van de stemmen onder de leden overeenkomstig artikel 13, lid 5, worden de bijdragen voor dat jaar naar verhouding aangepast. Bij het vaststellen van de bijdragen worden de stemmen van ieder lid berekend zonder eventuele opschorting van het stemrecht van leden of een daaruit voortvloeiende herverdeling van de stemmen in aanmerking te nemen. 3. De eerste bijdrage van een na de inwerkingtreding van deze overeenkomst tot de Organisatie toetredend lid wordt door de Raad vastgesteld op basis van het aantal stemmen waarover het lid beschikt en het van het lopende boekjaar nog overblijvende tijdvak; de voor andere leden voor het lopende boekjaar vastgestelde bijdragen worden evenwel niet gewijzigd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel