Tijdens de zittingsduur van de Raad genieten de leden:
op hun eigen grondgebied, de immuniteiten welke aan de lieden van de volksvertegenwoordiging in hun land zijn verleend;
op het grondgebied van de andere Hoge Overeenkomstsluitende Partijen, vrijstelling van aanhouding en gerechtelijke vervolging in welke vorm ook.
De immuniteit beschermt hen eveneens, wanneer zij zich naar de plaats van de bijeenkomst van de Raad begeven of daarvan terugkeren.
Deze immuniteit kan niet worden ingeroepen ingeval van ontdekking op heterdaad, terwijl zij het recht van de Raad onverkort laat, de immuniteit van een zijner leden op te heffen.
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Protocol tussen België, Luxemburg en Nederland tot aanvulling van de op 5 november 1955 te Brussel gesloten Overeenkomst nopens de instelling van een Raadgevende Interparlementaire Beneluxraad· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 7 november 1959