Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK V

Artikel 12

Artikel 12

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Oekraïne inzake wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juni 2007

1. Verzoeken om bijstand uit hoofde van dit Verdrag worden rechtstreeks aan de douaneadministratie van de andere Verdragsluitende Partij gericht. Verzoeken worden schriftelijk of elektronisch gedaan en gaan vergezeld van alle informatie die voor de inwilliging van het verzoek nuttig wordt geacht. De aangezochte administratie kan schriftelijke bevestiging van elektronische verzoeken verlangen. Wanneer de omstandigheden dit vereisen, kunnen verzoeken mondeling worden gedaan. Dergelijke verzoeken worden zo spoedig mogelijk hetzij schriftelijk, hetzij, indien beide douaneadministratie daarmee instemmen, elektronisch bevestigd. 2. Verzoeken ingevolge het eerste lid van dit artikel bevatten de volgende gegevens: de naam van de verzoekende administratie; het onderwerp van en de reden voor het verzoek, alsmede de aard van de verzochte bijstand; een korte beschrijving van de desbetreffende zaak en van de wettelijke en administratieve bepalingen die van toepassing zijn; de namen en adressen van de personen op wie het verzoek betrekking heeft, voorzover bekend. 3. Wanneer de verzoekende administratie verlangt dat een bepaalde procedure of methode gevolgd wordt, zal de aangezochte administratie aan een dergelijk verzoek voldoen met inachtneming van haar nationale wettelijke en administratieve bepalingen. 4. Om originele informatie wordt slechts verzocht in gevallen waarin niet met afschriften kan worden volstaan en deze wordt zo spoedig mogelijk teruggezonden. De rechten van de aangezochte administratie of van derden terzake blijven onverlet.

Rechtspraak bij dit artikel