**1.** Elk geschil tussen de zendstaat en de Regering betreffende de interpretatie of toepassing van dit Verdrag dat, of enige kwestie die betrekking heeft op de verbindingsofficier of op de verhouding tussen de zendstaat en de Regering die niet in der minne wordt geschikt, wordt, op verzoek van de zendstaat of van de Regering, ter definitieve beslissing voorgelegd aan een tribunaal bestaande uit drie arbiters. Elke partij benoemt een arbiter. De derde arbiter, die voorzitter van het tribunaal zal zijn, wordt gekozen door de eerste twee arbiters.
**2.** Indien een van de partijen verzuimt een arbiter te benoemen binnen twee maanden na een verzoek van de andere partij een dergelijke benoeming te verrichten, kan de andere partij de President van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, of in zijn afwezigheid de Vice-President, verzoeken deze benoeming te verrichten.
**3.** Indien de eerste twee arbiters binnen twee maanden na hun benoeming geen overeenstemming bereiken over de derde, kan elke partij de President van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, of in zijn afwezigheid de Vice-President, verzoeken deze benoeming te verrichten.
**4.** Tenzij de partijen anders overeenkomen, stelt het tribunaal zijn eigen procedure vast.
**5.** Het tribunaal neemt zijn beslissing bij meerderheid van stemmen. De voorzitter heeft een beslissende stem. De beslissing is definitief en bindend voor de partijen bij het geschil.
Artikel 9
Beslechting van geschillen
Onderdeel van Notawisseling houdende een verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek IJsland inzake privileges en immuniteiten voor verbindingsofficieren die door IJsland bij EUROPOL te ’s-Gravenhage gedetacheerd worden· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 februari 2009