Bij alle coprodukties worden twee kopieën vervaardigd van het uiteindelijke internegatieve materiaal en de volgkopieën die bij de produktie zijn gebruikt. Elke coproducent is eigenaar van een kopie van het internegatieve materiaal en de volgkopieën en heeft het recht deze te gebruiken voor het maken van de noodzakelijke reprodukties. Voorts heeft elke coproducent toegang tot de originele beeld- en geluidopnamen overeenkomstig de voorwaarden waarover overeenstemming is bereikt tussen de coproducenten. In het geval van produkties met een laag budget kan, op verzoek van beide coproducenten en behoudens de goedkeuring van de bevoegde autoriteiten in beide landen, slechts één kopie van het uiteindelijke internegatieve materiaal en de volgkopieën worden vervaardigd. In dat geval dient het materiaal te worden bewaard in het land van de coproducent met de grootste inbreng, tenzij de coproducenten anderszins overeenkomen. De andere coproducent heeft te allen tijde toegang tot het materiaal.
Afdeling I
Artikel VII
Artikel VII
Onderdeel van Overeenkomst inzake betrekkingen op het gebied van film en videofilm tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Canada· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 26 november 1990