Naar hoofdinhoud
1. Dit Protocol dient te worden bekrachtigd door de ondertekenende Staten. 2. Elke Staat die geen Verdragsluitende Staat bij het Verdrag is kan dit Protocol bekrachtigen, indien hij tegelijkertijd het Verdrag bekrachtigt of daartoe toetreedt in overeenstemming met artikel 15 van het Verdrag. 3. De akten van bekrachtiging worden nedergelegd bij de Regeringen van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, van de Unie van Socialistische Sovjetrepublieken en van de Verenigde Staten van Amerika of bij de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie die hierbij worden aangewezen als de depositarissen.

Rechtspraak bij dit artikel