Indien de douaneautoriteiten van een van de Staten verzoeken om bijstand die zij zelf, indien zij daarom zouden worden gevraagd, niet zouden kunnen verlenen, vestigen zij daarop in het verzoek, de aandacht. Het inwilligen van een dergelijk verzoek staat ter beoordeling van de Staat aan wie het verzoek is gedaan.
Paragraaf
Artikel 15
Artikel 15
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Noorwegen inzake wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 18 april 1984