**1.** De douaneautoriteiten van elke Staat verstrekken uit eigen beweging of op verzoek aan de douaneautoriteiten van de andere Staat alle inlichtingen welke hun van nut kunnen zijn en welke betrekking hebben op strafbare feiten op het gebied van de douanewetten, en wel in het bijzonder op:
nieuwe middelen of werkwijzen aangewend om strafbare feiten te begaan;
goederen waarvan bekend is dat zij het voorwerp uitmaken van ongeoorloofd verkeer;
vervoermiddelen waarvan vermoed wordt dat zij worden gebruikt om strafbare feiten in de andere Staat te begaan.
**2.** De douaneautoriteiten van elke Staat zenden de douaneautoriteiten van de andere Staat afschriften van of uittreksels uit de rapporten opgemaakt door hun opsporingsdiensten, waarin de aangewende bijzondere handelwijzen worden omschreven.
Paragraaf
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Noorwegen inzake wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 18 april 1984