Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Protocol tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België inzake voorrechten en immuniteiten van de Nederlandse Taalunie· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 17 januari 1994

1. Aan de Algemeen Secretaris van de Taalunie worden een status vergelijkbaar met die van het hoofd van een diplomatieke zending en de daaruit voortvloeiende voorrechten en immuniteiten toegekend. De immuniteit van jurisdictie geldt evenwel niet in geval van verkeersdelicten door hem begaan, noch in geval van schade veroorzaakt met een hem toebehorend of door hem bestuurd voertuig. Zolang de Taalunie geen eigen stelsel van sociale zekerheid heeft zijn op hem de regelingen inzake sociale zekerheid van het land waar de Taalunie haar zetel heeft van toepassing. 2. Indien de Algemeen Secretaris een eigen onderdaan is, zijn de Partijen bij dit Protocol met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde voorrechten en immuniteiten slechts verplicht tot het verlenen van immuniteit van jurisdictie voor hetgeen hij in zijn officiële hoedanigheid heeft gedaan, gezegd of geschreven, ook nadat hij zijn ambt heeft neergelegd, en tot het verlenen van onschendbaarheid van zijn officiële stukken en documenten.

Rechtspraak bij dit artikel