Naar hoofdinhoud

Artikel V

Opzegging en schorsing van leden

Onderdeel van Overeenkomst tot oprichting van de Inter-Amerikaanse Investeringsmaatschappij· Arbitrage

Deze tekst geldt sinds 12 maart 1987

Ieder lid kan uit de Maatschappij treden door middel van een aan het hoofdkantoor van de Maatschappij gerichte schriftelijke kennisgeving van zijn voornemen daartoe. Een zodanige uittreding gaat in op de in de kennisgeving vermelde datum, doch in geen geval eerder dan zes maanden na de datum waarop de kennisgeving door de Maatschappij werd ontvangen. Het lid kan, te allen tijde voordat de uittreding ingaat, door middel van een schriftelijke kennisgeving aan de Maatschappij, afzien van zijn voornemen tot uittreding. Zelfs na uittreding blijft het lid aansprakelijk voor alle verplichtingen tegenover de Maatschappij, waaraan het was gebonden op het tijdstip waarop de kennisgeving van opzegging werd ontvangen, met inbegrip van die welke zijn vermeld in afdeling 3 van dit artikel. Indien de opzegging van kracht wordt, is het lid evenwel niet aansprakelijk voor verplichtingen voortvloeiende uit werkzaamheden van de Maatschappij die zijn verricht na het tijdstip waarop de kennisgeving van opzegging door laatstgenoemde werd ontvangen. Een lid dat zijn verplichtingen tegenover de Maatschappij krachtens deze Overeenkomst niet nakomt, kan worden geschorst bij besluit van de Raad van Bestuur genomen met een meerderheid die ten minste drie vierde van de stemmen van de leden vertegenwoordigt, twee derde van de bestuurders daaronder begrepen. Een op deze wijze geschorst lid houdt een jaar na de datum van schorsing automatisch op lid te zijn van de Maatschappij, tenzij de Raad van Bestuur, met dezelfde meerderheid aangegeven in letter (a) hierboven, besluit de schorsing op te heffen. Zolang een lid geschorst is, kan het geen van de bij deze Overeenkomst aan hem verleende rechten uitoefenen, behalve het recht van opzegging, doch blijft het gebonden al zijn verplichtingen te vervullen. Vanaf het tijdstip waarop het lidmaatschap ophoudt, deelt een lid niet langer in de winsten of verliezen van de instelling en wordt het evenmin aansprakelijk gesteld ten aanzien van leningen en garanties die daarna door de Maatschappij worden verstrekt. De Maatschappij treft maatregelen voor de terugkoop van het kapitaal van dat lid als onderdeel van de vereffening der rekeningen overeenkomstig de bepalingen van deze afdeling. De Maatschappij en een lid kunnen bij de opzegging van het lidmaatschap en de terugkoop van aandelen van genoemd lid overeenstemming bereiken op onder de omstandigheden passende voorwaarden. Indien zulk een overeenstemming niet is bereikt binnen drie maanden na het tijdstip waarop zulk een lid uiting geeft aan zijn wens, het lidmaatschap op te zeggen, of binnen een tussen beide partijen overeengekomen termijn, is de terugkoopprijs van de aandelen van het lid gelijk aan de boekwaarde ervan op het tijdstip waarop het lid ophoudt tot de instelling te behoren, welke boekwaarde wordt bepaald door de door accountants gecertificeerde financiële overzichten van de Maatschappij De betaling voor de aandelen geschiedt, na inlevering van de overeenkomende aandelen-certificaten, in de termijnen, op de tijdstippen en in de beschikbare valuta's die de Maatschappij bepaalt, waarbij zij rekening houdt met haar financiële positie. Er mag geen bedrag dat krachtens deze afdeling aan een voormalig lid voor zijn aandelen verschuldigd is, worden betaald tot één maand na het tijdstip waarop dit lid ophoudt tot de instelling te behoren. Indien de Maatschappij binnen dat tijdvak de werkzaamheden staakt, worden de rechten van dat lid vastgesteld volgens de bepalingen van artikel VI en wordt zulk een lid ter zake van dat artikel als lid van de Maatschappij beschouwd, doch heeft het geen stemrecht.

Rechtspraak bij dit artikel