Naar hoofdinhoud
1. De Organisatie stelt de installaties ter beschikking en exploiteert de diensten voor het in artikel 3, lid 3, van het gewijzigd Verdrag gedefinieerde en-route luchtverkeer voor het luchtruim waarvan de grenzen in Bijlage I bij deze Overeenkomst omschreven zijn. 2. Om de terbeschikkingstelling en exploitatie van installaties en diensten voor het en-route luchtverkeer overeenkomstig artikel 1, lid 1 van deze Overeenkomst mogelijk te maken, of de verlening van andere specifieke diensten door het Centrum Maastricht mogelijk te maken, kan de Organisatie, bij beschikking van de Commissie en op verzoek van en in samenwerking met de Nationale Overeenkomstsluitende Partijen ondernemingen, waarvan de statuten ofwel door het internationaal publiekrecht ofwel de nationale wetgeving van een Lidstaat van de Organisatie beheerst worden, creëren, opheffen of een meerderheidsaandeel in deze ondernemingen verwerven. 3. De Nationale Overeenkomstsluitende Partijen nemen binnen de grenzen van hun bevoegdheid alle maatregelen die nodig zijn om de Organisatie in staat te stellen haar verantwoordelijkheden in het kader van deze Overeenkomst te dragen, in het bijzonder wat betreft de toewijzing van radiofrequenties.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel