Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Documenten

Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Australië inzake de verlening van medische zorg· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 4 januari 1992

1. Ten einde medische zorg krachtens dit Verdrag te ontvangen, dient de betrokkene een schriftelijke verklaring betreffende zijn/haar recht op medische zorg te overleggen, die op verzoek van de betrokkene door het orgaan van de tijdelijke verblijfplaats is afgegeven als bewijs waaruit zijn/haar recht blijkt. 2. Indien de betrokkene niet in het bezit is van de in het eerste lid bedoelde verklaring, dient de betrokkene die verklaring bij het orgaan van de tijdelijke verblijfplaats aan te vragen voor het einde van het tijdelijk verblijf. Het orgaan van de tijdelijke verblijfplaats dient die verklaring voor het einde van het tijdelijk verblijf af te geven. 3. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid wordt onder „schriftelijke verklaring betreffende zijn/haar recht op medische zorg” verstaan: met betrekking tot Nederland, een document afgegeven door het Algemeen Nederlands Onderling Ziekenfonds (ANOZ), en met betrekking tot Australië, een pasje of een inschrijvingsnummer van Medicare. 4. Ten einde aanspraak op een schriftelijke verklaring betreffende zijn/haar recht op medische zorg te kunnen doen gelden, dient de betrokkene aan het orgaan van de tijdelijke verblijfplaats het volgende over te leggen: met betrekking tot Nederland, een verklaring afgegeven door het bevoegde orgaan, en met betrekking tot Australië, een geldig Australisch paspoort of ieder ander geldig paspoort waarin is aangetekend dat de houder ervan het recht heeft voor onbepaalde duur in Australië te verblijven.

Rechtspraak bij dit artikel